Cliëntperspectief in complexe jeugdhulp
Opdracht: Onderzoeken hoe het perspectief en de ervaringskennis van jeugdigen en opvoeders een betekenisvolle en duurzame plek kunnen krijgen in complexe jeugdhulp.
De aanzet tot het bovenregionaal Leernetwerk Ervaringsdeskundigheid Jeugd
-
OpdrachtgeverBestuurders van 25 gemeenten met een gezamenlijke bovenregionale opdracht
-
Rol LiekeCoördinator cliëntperspectief
-
Betrokkenheid
2022 – 2024, tijdens de start van het netwerk
-
Samenwerking
Het team van coördinatoren met ieders een eigen opdracht voor het netwerk. En de professionals in de Regionale Expert Teams (RET) en professionals met de verantwoordelijkheid voor de inzet van ervaringsdeskundigheid in de eigen organisatie.
-
Bekostiging
Rijksmiddelen voor de opbouw van bovenregionale expertisenetwerken in de jeugdhulp.
Waar begon het vraagstuk?
Sommige jeugdhulpvragen zijn zo complex of specialistisch dat één gemeente, organisatie of professional ze niet alleen kan oplossen. Daarom werden in 2020 in Nederland acht bovenregionale expertisenetwerken ingericht. In dit bovenregionale netwerk vroeg dat om een samenwerking over twee jeugdhulpregio’s heen.
Een onderdeel van dit bovenregionale expertisenetwerk was de inrichting van de Regionale Expert Teams (RET’s). Deze teams waren verantwoordelijk voor het doorbreken van vastgelopen of complexe casuïstiek.
Bij de start lag er vooral een richting. Lieke werd gevraagd om een plan van aanpak te maken. Haar eerste stap was verkennen. Wat gebeurde er al in organisaties en gemeenten? Waar werd het cliëntperspectief en ervaringskennis al benut? Wat was nodig om het perspectief van jeugdigen en opvoeders daadwerkelijk positie te geven? En hoe zorgen we dat het cliëntperspectief, de ervaringen van jeugdigen en opvoeders zelf, ook meegenomen worden in het doorbreken van deze casuïstiek.
Wat waren belangrijke momenten in het vraagstuk?
Een eerste belangrijk moment was het toevoegen van ervaringsdeskundigen in de Regionale Expert Teams. Samen met de voorzitter, RET-leden en herstelorganisaties onderzocht Lieke wat een ervaringsdeskundige aan het overleg kon toevoegen en welke voorwaarden daarvoor nodig waren. Beiden RET’s besloten ermee van start te gaan, en met en van elkaar te leren hierin.
Al snel werd duidelijk dat alleen een ervaringsdeskundige laten deelnemen niet voldoende is. De vraag erachter is belangrijker: waarvoor is de ervaringsdeskundige aanwezig? Om het professionele systeem te spiegelen? Om naast een jeugdige of opvoeder te staan? Of om vanuit collectieve ervaringen een ander perspectief in te brengen? Iedere rol vraagt om een andere opdracht, positie, deskundigheid en financiële waardering.
Gelijktijdig daaraan bezocht Lieke jeugdzorgorganisaties om in kaart te brengen wat er al gebeurde rond de inzet van het cliëntperspectief en ervaringsdeskundigen. Door voorbeelden, dilemma’s en behoeften naast elkaar te leggen, werden rode draden in het bovenregionale netwerk zichtbaar en ontstond er meer samenhang.
Voor Lieke persoonlijk werd in deze opdracht ook iets anders helder. Bovenregionale samenwerking is nodig om schaarse en specialistische expertise te organiseren. Tegelijkertijd ontstaat daadwerkelijke beweging vaak op lokaal niveau, waar mensen elkaar kennen, kunnen ontmoeten en samen handelen. Voor haar werd duidelijk dat zij het liefst van betekenis is in lokale samenwerkingen. Daar is voor haar de slagkracht aanwezig, minder politiek, zijn de lijnen korter en de impact voor de individu groter.
Wat was de bijdrage van Lieke?
Lieke voerde verkennende gesprekken en organiseerde werksessies om een gezamenlijk beeld en perspectief te creëren. En om scherper te krijgen wat nodig was in het expertisenetwerk. Welke rol heeft cliëntperspectief en ervaringsdeskundigheid hier? Welke voorwaarden horen daarbij? En wat vraagt dit van de professionals, gemeenten en organisaties?
Lieke stimuleerde in de RET’s het gesprek over: hoe maken we het cliëntperspectief een vast onderdeel van het overleg en onze werkwijze? Binnen het expertisenetwerk betekende dat ook: via de RET’s zelf ervaring opdoen met de inzet van cliëntperspectief en ervaringskennis, daarvan leren en deze ervaring gebruiken om verdere beweging in het netwerk mogelijk te maken. Deze RET’s waren één van de eersten in Nederland, waarbij ervaringsdeskundigen structureel aanwezig waren en net als de andere professionals een passende financiële waardering kregen.
Bij haar vertrek droeg Lieke de verzamelde inzichten en gegevens over aan een lectoraat, zodat de beweging verder kon gaan vanuit het netwerk zelf. Het lectoraat realiseerde in samenwerking met deelnemers uit het netwerk de start voor het Leernetwerk Ervaringsdeskundigheid Jeugd, waarin jeugdzorgorganisaties, gecertificeerde instellingen en gemeenten verder werkten aan een gezamenlijke visie en een structurele en gelijkwaardige positie van ervaringskennis in de jeugdzorg.
De bijdrage van Lieke zat ook in het lezen van wat er in het proces van opbouwen van een bovenregionaal netwerk gebeurde. Vanuit de inhoud kreeg Lieke zicht op waar enthousiasme ontstond in het netwerk? En waar twijfel of weerstand? Wat vertelde dat over de positie en het mandaat van het expertisenetwerk, de gezamenlijke opdracht en de verwachtingen over hoe antwoord te geven op complexe en specialistische jeugdhulpvragen. Zulke signalen waren voor Lieke geen ruis, maar informatie om te bepalen wat een volgende werkbare stap kon zijn in haar opdracht én in de opbouw en kwaliteit van het expertisenetwerk.
Interessante links
-
Doorbraakmethode in complexe en vastgelopen casuïstiek
Meer over de doorbraakmethode van de RET’s bij complexe en vastgelopen jeugdhulpvragen. -
Leernetwerk Ervaringsdeskundigheid Jeugd Overijssel
Over de verdere verankering van ervaringskennis in jeugdzorg en jeugdbescherming. -
Rapporten Jason Bhugwandass
Jason onderzocht de ervaringen van jongeren met ZIKOS (Zeer Intensieve Observatie en Stabilisatie – afdeling). In 2024 is besloten de twee afdelingen in Nederland te sluiten, mede naar aanleiding van de rapporten van Jason.
Rapport Eenzaam Gesloten en Vervolgrapport Eenzaam Gestorven
Wat betekent dit mogelijk voor jouw vraagstuk?
Dit vraagstuk uit de praktijk laat zien wat het vraagt om met elkaar helder te krijgen wat onder cliëntperspectief wordt verstaan en hoe cliëntperspectief en ervaringskennis van betekenis kunnen zijn in een complexe opgave. Het vraagt om een gezamenlijk beeld en vertrekpunt te creëren. Niet direct een nieuwe werkwijze vastleggen, maar samen betekenis geven aan wat er wordt gezien en van daaruit bepalen wat er te realiseren is.
Lieke heeft daarnaast in dit vraagstuk ervaren hoe pijnlijk en moeilijk het (voor professionals) kan zijn om de ervaringsverhalen en cliëntperspectief daadwerkelijk te horen en binnen te laten komen. Het vraagt om vertragen, voelen en een zorgvuldige afweging hoe ervaringskennis en cliëntperspectief vast onderdeel te laten zijn van een overleg of werkwijze. In eerste plaats voor de jeugdige en opvoeders. In de tweede plaats voor de professionals, zodat het ook echt andere handen en voeten geeft om hun werkzaamheden uit te kunnen voeren en vastgelopen casuïstiek te kunnen doorbreken.
Belangrijke vragen daarbij zijn:
Wat hebben we als systeem eerst te horen, te zien en te erkennen, voordat er daadwerkelijke doorbraak mogelijk is? En wat was is een passende positie en mandaat van een bovenregionaal expertisenetwerk is zo’n maatschappelijke opgave?